|
|
Kent u het? U gaat
even snel nog met de hond een blokje om..... en ja hoor,
voordat u het
weet, neemt hij een speurt en vleit zich al rollend op
de grond
in viezigheid.
Favorite zijn eendenpoep, kadavers enz...
Natuurlijk sta je
dan al binnenmonds te mopperen, o nee he:-))
Heel de weg terug
naar huis loop je met een wel riekende trotse hond naast
je en het enige wat je bedenken kan is, nu we kunnen
eenmaal thuis gekomen alle linea richting badkamer, want
zo komt hij mijn huiskamer niet in!!!
|
|
|
Rollen over
niet-viezigheid geeft aan dat de hond zich zelfverzekerd voelt
of hij vindt het gewoon lekker. Rollen over een hard oppervlak
(bij voorbeeld grind) kan ook betekenen dat de hond jeuk op de
rug heeft.
WAAROM rollen HONDEN
ZICH SOMS in VIEZIGHEID?
Een activiteit waarmee de hond een keurige baas of
bazin min of meer tot wanhoop kan brengen is de impuls, die
hun lieveling nu en dan bevliegt om zich op iets smerigs te
storten en zich daar met overgave op heen en weer te rollen.
Het kan een half verrot kadaver zijn dat hij toevallig op een
lange wandeling buiten heeft ontdekt of een koeienvla of een
paardenvijg. Er is wel verondersteld dat dit een poging van de
hond is om een vijandige geur met die van zichzelf uit te
wissen. Dat idee hing samen met de waarneming, dat wanneer de
éne hond zijn poot bij een paal heeft opgelicht en de
urinemarkering heeft geplaatst, een volgende die er langs komt
zich geroepen zal voelen om de vorige geur te maskeren door
zijn eigen poot op te lichten en op precies dezelfde plek te
plassen. In deze redenering klopt echter iets niet. De eigen
geur die overgebracht wordt bij ergens overheen rollen is veel
zwakker dan de geur die bij het afscheiden van urine of
uitwerpselen wordt geproduceerd. De stinkende dingen die de
honden uitkiezen om zich in te wentelen hebben een bijzonder
krachtige geur en als het de bedoeling zou zijn die geur te
maskeren, dan zou het veel meer voor de hand liggen daarvoor
flink wat urine of uitwerpselen te gebruiken. Maar die reactie
is nooit waargenomen. Het is dus duidelijk dat de rollende
hond zeker niet zijn best doet de stank van het ding te
maskeren, er moet dus een andere verklaring worden gezocht.
Het meest
waarschijnlijke antwoord is dat de hond niet probeert zijn
geur op het voorwerp achter te laten, maar juist het
omgekeerde. Door in een koeienvla of op uitwerpselen van een
ander dier - bijvoorbeeld een paard of een hert - te rollen
overlaadt hij zijn vacht met een vreemde geur. Dit verschaft
hem dan een ideale camouflage bij de jacht op juist die
dieren. Zelfs een stinkend karkas dat wel niet bepaald een
"prooigeur" heeft zal de hond zijn roofdiergeur doen
kwijtraken.Volgens een andere verklaring zou die "parfumering"
een manier zijn om andere leden van de sociale groep van de
hond iets mee te delen. Als de hond de mest van een mogelijk
prooidier tegenkomt, zich erin rolt en dan van zijn
verkenningstocht terugkeert naar andere honden, dan zou hij
hen daarmee over zijn kostbare vondst kunnen vertellen en een
groepsjacht op gang brengen. Het is een feit, dat een hond die
zich met mest geparfumeerd heeft, buitengewoon aantrekkelijk
is voor bevriende honden (zij het minder voor bevriende
mensen). Ze omringen hem en snuiven met grote aandacht deze
opwindende nieuwe geursignalen op. Maar of dit inderdaad in
het wild leidt tot een nieuwe jacht is niet bekend.
Het feit, dat bij
laboratoriumproeven honden in alle mogelijke sterk ruikende
stoffen rollen, waaronder ook citroenschillen, parfum, tabak
en rottend afval, wordt wel gezien als een verzwakking van
zowel de camouflage- als de jachtinstigatie(=
stimulatie)theorie. De alternatieve verklaring zou dan zijn,
dat de hond heel gewoon in een soort verrukking raakt, als hij
een heel sterk ruikende stof ontmoet, ongeacht wat het precies
is. Het is moeilijk zoiets te bewijzen of het tegendeel te
bewijzen, dus we hebben er niet veel aan. En het is goed eraan
te denken, dat in de natuur, waar deze reactie zich heeft
ontwikkeld, een sterke stank haast altijd door een hoop mest
van een prooidier werd veroorzaakt. Een kadaver zou niet lang
genoeg blijven liggen om te rotten en te stinken. In een echte
wildernis zou het allang opgevreten zijn, voor het zover zou
kunnen komen. En de andere proefgeuren, zoals parfum en tabak,
daar kwamen de vroege voorvaderen van de hond niet mee in
aanraking. De reactie daarop van de moderne hond kan dus in
termen van survival weinig of geen betekenis hebben.