Het is in het
algemeen bewezen dat honden voor oudere mensen een
positieve bijdrage geven in hun leven.
Dieren dragen bij
aan de psychische en fysische gezondheid van de mens.
Zoals psychische,
fysiologische en sociale factoren zijn met elkaar
verbonden worden. Dieren vestigingen de aandacht op zich
en daarmee zorgen ze voor afleiding. Hierdoor brengen
zij mensen meteen in een toestand van ontspanning. Daar
komt bij dat dierlijke metgezellen mensen een sociale
ondersteuning bieden. Dit werkt stress verminderend, dus
werken dieren als een zogenaamde buffer tegen stress!
De hond of kat is
als “therapeutisch medium” bijzonder geschikt, omdat hij
meeleeft en dingen aanvoelt. De hond kan zich goed in
elke situatie aanpassen, hij zoekt contact en hij kan
door middel van zijn mimiek en lichaamstaal
communiceren. Kortom de hond geniet van
gemeenschappelijke activiteiten met mensen en hij nodigt
mensen uit om iets met hem te doen!
Onderzoek laat
zien dat oudere mensen die een hond bezitten beter
reageren op hun medicijnen, hun bloeddruk daalt, hun
hartslag verbeterd. Tevens geeft het een verhoogde
endorfine productie en aansporing tot verbetering van
motorische- en geestelijke capaciteiten. Een van de
allerbelangrijkste veranderingen is het opheffen van
depressiviteit en daardoor wordt een algemene activering
en verhoging van de motivatie van een patiënt om mee te
werken met de therapie bereikt. Het geeft een impuls tot
communiceren en hierdoor kan men nieuwe sociale
contacten opdoen.
Gebleken is dat
hondenbezitters minder slaap en beduidend minder rust
gevende tabletten nodig hebben.
Het samenleven met
honden en katten heeft een positief effect op de
bloedsomloop. Zij brengen mensen aan het lachen wat op
zich al een genezende werking heeft. Bij het uitlaten
van de hond heeft men meteen een gespreksthema wanneer
men anderen ontmoet. Dieren dwingen ons tot non verbale
communicatie en geven toestemming tot regressie
(teruggaan in een kinderlijk gedragspatroon). Daarom
kunnen zij een beetje “kinderlijk geluk” terugbrengen in
iedere persoon.
Onderzoek heeft
uitgewezen, dat hartinfarct patiënten die een hond
bezitten, een statistisch bewezen hogere overlevingskans
hebben dan een vergelijkbare groep patiënten zonder hond
of kat. Patiënten met honden of katten beschikken over
significante betere overlevingskansen. Aaien kalmeert
niet alleen het dier ( de hartslag kan zich halveren),
eenzelfde goede werking heeft het op de persoon die
aait.